Bottenbouillon voor honden is een langzaam getrokken extract van botten, bindweefsel, kraakbeen en soms pezen. Tijdens het kookproces komen voedingsstoffen vrij zoals collageen (dat deels wordt omgezet in gelatine), aminozuren en mineralen.
Binnen een natuurlijke en holistische benadering van hondenvoeding wordt bottenbouillon vaak gebruikt als aanvulling op de voeding.
Bij het maken van bouillon is het belangrijk om met verse of goed ingevroren ingrediënten te werken en de bouillon na bereiding snel terug te koelen en gekoeld te bewaren.
Waarom bottenbouillon voor honden?
Bottenbouillon voor honden is eenvoudig toe te voegen aan de voeding en wordt vaak goed geaccepteerd. Je kunt het gebruiken als:
extra vocht / hydratatie
aanvulling op de maaltijd
tijdelijke ondersteuning
De bouillon kun je bijvoorbeeld over de normale maaltijd van je hond geven.
Zelf bottenbouillon maken
Bottenbouillon voor honden kun je zelf maken met botten en water. Het maken kost wat tijd, maar het recept zelf is eenvoudig.
Wat heb je nodig?
botten bijv. poten, karkassen, nekken, ribben, knieen enz van bijv. kip, lam, of rund.
water
eventueel wat ongefilterde appelazijn
Je kunt de botten eventueel eerst roosteren. Hierdoor krijgt de bouillon meer kleur en een vollere smaak.
Bottenbouillon maken: zo doe je dat
Doe de botten in een grote pan of slowcooker.
Voeg voldoende water toe zodat de botten onder water staan.
Eventueel kun je een kleine hoeveelheid appelazijn toevoegen.
Laat de bottenbouillon rustig trekken.
Zeef de bouillon zorgvuldig zodat er geen kleine botresten achterblijven.
Laat de bouillon afkoelen.
Zet de afgekoelde bouillon in de koelkast.
Verwijder de gestolde vetlaag.
Verdeel de bouillon eventueel in kleinere porties en vries deze in.
Hoe lang moet bottenbouillon trekken?
De bereidingstijd kan verschillen afhankelijk van de gebruikte botten en de bereidingswijze. Voor zelfgemaakte bottenbouillon kun je uitgaan van ongeveer 3 tot 16 uur.
Een slowcooker is hiervoor erg handig. Je kunt de bouillon langere tijd rustig laten trekken zonder dat je voortdurend bij de pan hoeft te blijven.
Wanneer de bouillon na afkoelen stevig en geleiachtig wordt, is er veel gelatine uit het bindweefsel vrijgekomen. Een dunne bouillon is echter niet automatisch minder geschikt.
Belangrijk: geef de gekookte botten nooit aan je hond. Verhitte botten kunnen splinteren.